Jeanne's internet dagboek

« Vorige | Homepage | Volgende »

Het rouwkleed afleggen..?!?

02 februari 2015

Het lijkt nog maar kortgeleden..
Héél vroeg in de ochtend, midden in de zomer, ben je gestorven.
Je was het he-le-maal zat had je treurig gezegd. Je was te moe. Je had veel last van je lijf,
je longen, je adem, je keel.
Er was geen zicht op verbetering en je was er klaar mee, het was genoeg geweest.
Je ging af op het - laatste - afscheid. Het sterven.
Je wilde - en kreeg - alleen nog wat pijnbestrijding, en zuurstof. Teleurgesteld, stil en leeg.
Een paar dagen terug was alles nog zo anders geweest.
Je leek aan de beterende hand. Het was voornamelijk die pijn in en onder je schouder waar je erg
veel last van had.

Zo van je ziekbed thuis waren we naar het ziekenhuis gekomen.
Voor een gesprek met de specialist over een eerder gemaakte scan en een vervolg daarop. 
Om de oorzaak van de pijn in je schouder te bekijken en samen te bezien wat er ons te doen en te verwachten stond.

Je conditie was - mede door de sondevoeding - duidelijk verbeterd dus er was hoop.
Omdat we er toch al waren, kon ook 't beste hier ook even de neus-maagsonde worden ververst. Want zo'n ding kan na 6 weken lelijk gaan opspelen in de maag, met al dat maagzuur vol medicijnen. En daarvoor hoefden we  dan niet wéér op stap te gaan..

Bij het plaatsen van die "verse"sonde is het fout gegaan, waarmee het begin van het einde begon.

't Ging zo: het gesprek bij de longspecialist was hoopgevend. Je zag er best goed en uitgerust uit, alleen met spreken had je last.
Even nog een scan-longfoto- als vergelijkingsmateriaal voor de volgende keer, en we gingen op weg voor plaatsing van de "verse" sonde-slang. Maar nét toen we aankwamen werd de verpleegkundige op de longafdeling weggeroepen, voor een spoedgeval. 
Lang wachten was echter ook geen optie...

Er werd rond-gebeld en 't kon gelukkig wel 'even tussendoor ' geregeld worden op de maag-darm-afdeling, ook al was 't daar best druk.
De "deskundige" - tamelijk pedante vrouwelijke - maag/lever/darm-arts ( Dr. Helleman), kende ons niet, noch je dossier.
Ze wilde 't snel regelen, zelfzeker en vertrouwend op haar routine.

Ze dacht kennelijk dat jij gewoon wat zwak en timide was, en daarom niet reageerde op haar vragen en opdrachten, je medewerking.
Ze luisterde dan ook niet naar mij toen ik over jou ziek zijn en je aangetaste longen sprak.
Ze was al begonnen 't slangetje in je neus te stoppen, en vroeg een assistente mij even op de gang te zetten...teveel onrust.

Het slangetje ging verkeerd. Zonder het te merken raakte ze een een zwakke plek, en intubeerde in je longen....

De 1e controle (van 2, bij de eerste wordt wat lucht in het slangetje gespoten, en als er dan in de maag iets hoorbaar borrelt is alles in orde, de 2e is een lakmoesproef waarbij wat maagzuur wordt opgezogen en getest) ging niet helemaal goed.
Toch vond deze dokter 't kennelijk prima, want de 2e controle kwam er niet van: jij trok nogal wit weg, en het leek haar beter je te laten rusten....

Desastreus. Dat merkten we later, thuis, pas.

Toen we samen met de longspecialiste een uurtje eerder long-scans hadden bekeken, groeide er weer hoop op verbetering.
Als je zo goed bleef doorgaan zat er misschien zelfs een operatie, of zelfs een transplantatie in..!!??
 
Dus gingen we moe maar ook een soort van blij naar huis: je wilde leven, en voorlopig liever niet opnieuw het ziekenhuis in.
Thuisgekomen hebben we (de thuiszorg was er ook) de sonde weer aangesloten: een vers pak Nutricia in 't apparaat geplaatst en 't pompje aangezet.
En toen ....bleek dat het mis was : je kreeg een verstikkende hoestbui, en hoestte bruinige plakkerige voeding op. Het kwam overal uit....

Paniek!!!
Binnen tien minuten stond er een team ambulance-mensen om je bed.

En nét op het moment dat de ambulance-broeder met één flinke haal de sonde-slang uit jou lijf verwijderde, stapte onze huisdokter de kamer binnen. ( Z'n praktijk is aan de overkant hier. k Had hem gebeld en in drie zinnen gezegd wat er was gebeurt. )
Hij overzag de situatie en verzuchtte half hoorbaar " ..daarmee is het bewijs dan ook meteen weggewerkt.....", zichtbaar geschokt en verdrietig.

Met loeiende sirenes gingen we opnieuw op weg.
In het EMC aangekomen werd je direct maar een kamer in de long-afdeling gebracht.
De sfeer daar was erg deprimerend en verstild. Voelbaar.
Een familie-zitje op de gang, geen uitzicht, geen zon.
't Geheel voorspelde niet veel goeds..

Je ging zienderogen achteruit.
Daar kon alle aandacht en inzet van al die lieve geduldige zusters niks aan veranderen..
Voor mij werd een bed naast het jouwe geschoven, aan het raam. 
Niemand zei er verder iets over, maar het einde kwam ineens, haast voelbaar, dichterbij... 
Verder leven zat er niet in, werd al snel duidelijk. 

Thuis sterven mocht niet ..?!!.
Want daar was geen apparatuur, en men zag het nut noch de mogelijkheid om die erheen te regelen.
Trouwens, je zou waarschijnlijk al sterven in de ambulance, werd me gezegd...
Hoewel onze huisarts aangaf ten volle bereid te zijn al het nodige direct te gaan regelen en ons in alles bij te staan, er kwam niks van in...

"..Euthanasie kán niet op de longafdeling. Die is daar niet voor...!" Die boodschap kregen we uit de mond van de vervanger van de behandelend long-arts, in aanwezigheid van het afdelingshoofd, afdelings-verpleegkundigen én onze huisarts. De laatste per smartphone. Via de luidspreker !...
Conclusie: we moesten wachten. Wachten op een vrijkomend bed in een speciale hospice.

Jij verzwakte snel. Berustte in je lot. Zolang je maar bij mij was, zei je.
's Middags kwamen de kinderen, en ze gingen niet meer weg.
Ook Hans en Martine stonden aan je bed.
Je sprak die middag een video-boodschap in, met zo ongeveer je laatste krachten.
Een afscheids-bericht voor je ouders, maar feitelijk ook gericht aan iedereen die er niet bij kon zijn.

Moeizaam sprekend, maar met overtuiging in je ogen, legde je uit dat je nóg meer lange, zware dagen en nachten niet meer ging meemaken.

Uitgeput maar tevreden met het resultaat, bekeek je deze video-boodschap. Nu was alles gedaan. Nou ja, bijna alles..

Die nacht, om half drie had de nachtzuster met 'n pompje voor de zoveelste keer "gespoeld" en het vocht uit je luchtpijp weggezogen, je gezicht en handen verfrist en de morfine-drip nog wat bijgesteld. Weer even klaar voor een uurtje.... 

Nadat ze was weggegaan en ik - eindelijk - even sliep, met jou beide handen in de mijne, heb je zélf je leven beeindigd: stilletjes heb je één hand losgemaakt uit de verstrengeling met de mijne.
Met die "vrije" hand heb je het pleistertje losgetrokken dat losjes het slangetje van de zuurstof-toevoer aan de trachea-stoma verbond...

Met dat slangetje tussen duim en wijsvinger ben je, onopgemerkt, weg-gezweefd uit het leven.

Van 't zacht sissende geluid - de zuurstof die uit t' slangetje vrijkwam - werd ik uiteindelijk wakker. Met jou hand, koel en stil in de mijne.

Slaapdronken schoot ik overeind en drukte het alarm-knopje in.

Daarna heb ik zachtjes je naam geroepen, je voorhoofd gekust en voorzichtig je oogleden gesloten.
In een waas van tranen ben ik op de gang de zuster gaan zoeken.

Dat was in de vroege ochtend van 16 augustus 2013. Het is nu 3 februari 2015.
Gisteren was het jou 60e geboortedag. Vandaag onze trouwdag, 20 jaar geleden.

Het wordt nu tijd het rouwkleed wat losser te gaan dragen.
Een nieuw voorjaar staat voor de deur. Tijd om een einde te maken aan het steeds weer verschuilen, wanneer ik me gebroken voel.

Mijn innige liefde voor -, en mijn verdriet om jou blijft voelbaar. Aanraakbaar haast.
Hierboven in ons heerlijke semi-penthouse-met-wijds-uitzicht over Rotterdam, en ook op die andere, mooie, veilige plek in Huijbergen, in onze stacaravan in het bos.
Dáár kan (en mág) ik alles stil zetten, en stilstaan bij mijn verdriet.

Maar daarbuiten moet ik verder.
Want stil blijven staan, dat kan niet.
Veel gejankt heb ik.
En mezelf toegesproken een besluit te nemen.
Om te stoppen met leven. Of juist om verder te gaan.
Voor dat laatste heb ik gekozen

Tegen de stroom van moedeloosheid in, ga ik m'n weg vervolgen.
Weerstand bieden aan de angst voor de onbenoemde toekomst.
Een begin van een begin heb ik al gemaakt.
Door de "verspulling" (jouw woord, Ab !) wat terug te brengen in haar proporties.

Best veel overbodige "ballast " heb ik al weggedaan. En getreurd om 't onvermijdelijk loslaten dat nog komt.
Jouw afwezigheid zal steeds opnieuw pijn doen.
Jouw sterven is immers nergens pijnlijker aanwezig dan in alléén verder moeten in dit aards bestaan.

't Worstelend proces van loslaten zal nog lang voortgaan.
Steeds een beetje, soms wat meer en soms minder. Meer ruimte, minder scherp verdriet.
Elke dag doorleven. Ik maak me geen illusies.

Er staat daar waar jou ademen ophield nu een nieuw gebouw, daaruit spreekt nu 'n soort van steun. 

Verder leven moet ik  Maar als in 'schouders eronder', of als in 'gebeurd is gebeurd'..? nee dat wordt 't écht niet voor mij !.
Er moet een manier te vinden zijn om jouw ziek zijn en sterven te omvatten, en in te pakken.

Zodat daarmee mijn leven weer "naar voren" gaat.
Zodat ik alles dat ik dankzij jou helemaal zelf kan en weet, zinvol kan gaan inzetten.

"Ons" blijf ik dichtbij me dragen.
Jou lieve, tot op 't laatst nog levendige blauwe ogen waren als een spiegel. Ik zie ze nóg.
De vele gekke, lieve, warme en wijze woorden, ik hóór ze nóg !

Als ik het écht even helemaal niet meer weet, dan voel ik jou aansporingen.
Als ik stilval en tot niks meer kom, hoor ik je stem die zegt: "... rustig maar, meisje. Doe 't nou maar even kalm aan.. t kómt wel !.. "

Af en toe verbaas ik me erover, hoe m'n ziel al geheeld lijkt. Jou hand daarin herken ik.
Hoe zacht en warm we elkaars gezelschap in onze laatste dagen samen voelden, zo zacht jouw sterven nu kan aanvoelen.
Hoe ik ondanks de vlagen van felle zielepijn, toch ook weer kan houden van kleine dingen in het leven.
Wonderbaarlijk.
'k Weet bijna zeker dat jij daaraan bijdraagt.
Zoals je me zo vaak tot kalmte bracht, vanaf "ons" begin samen, in 1993.
Met je warmte en je aandacht dwong je me tot af en toe afremmen. Stilstaan. Bij de basis blijven.
Dat gaf rust. Daarom viel ik op je.

Ik op mijn beurt kon jou inspireren, opbeuren en activeren.
Bij mij voelde je je volledig vrij, zei je meermalen. Vrij om te zijn wie je wilde zijn.
Te doen wat je wilde doen. Te maken waar je creatieve geest mee bezig wilde zijn. Waar je goed in was.
Zonder veel verplichtingen, loze verwachtingen of frustrerende remmingen.

Zó graag had ik mijn héle verdere leven met jou gedeeld.
Door jouw sterven heen leer ik nu voetje voor voetje mijn vroegere basis in jou vrijheid te hervinden.

Nu mis ik je bij vlagen zó intens dat ik de kille leegte kan voelen, als 'n fysieke aanraking. Als iets échts, iets aanwezigs.
Dan ga ik "jou" muziek luisteren, en laat mn tranen de vrije loop.
En daarna weer, soms luidkeels, protesteren tegen dit lot.

Lieve Ab. Hoe kan ik jou bedanken ?
Hoe jou 60-e geboordag, en die - dik- twintig mooie jaren samen alsnog vieren ?!. 

2 februari 2015

Webmaster